• aangezicht Dierenartsenpraktijk De Driehoek.png
  • braunulle aanbrengen.png
  • buik scheren.png
  • koeien banner website klarenbeek.png
  • leuke ballonnen.jpeg
  • messing paard.png
  • opendeur.png
  • operatiehandschoenen.png
  • ponysaangespannen.png
  • telefoon bord weg.png
  • twello.png
  • webadres.png

Klein Praktijkonderzoek Subklinische Ketose

Binnen de praktijk is een klein praktijkonderzoek uitgevoerd naar het voorkomen en de behandeling van subklinische ketose. Subklinische ketose is niet zichtbaar, maar kan wel zorgen voor problemen in de opstartperiode van de koe, denk aan bijvoorbeeld verminderde afweer en vruchtbaarheid. Regelmatig worden dieren met een verhoogde concentratie ketonlichamen behandeld, bijvoorbeeld met propyleenglycol of energie-pillen, eventueel i.c.m. Catosal. Het leek ons interessant om deze therapie te evalueren. Daalt de ketonlichamen-concentratie na de behandeling? En wat gebeurt er met de melkproductie?


Er hebben zich in totaal 16 veehouders aangemeld (waarvoor dank!). Voor de data-analyse zijn gegevens van 81 koeien gebruikt, tussen de 1e en de 9e lactatie. Op twee momenten is (met een interval van 4 tot max. 7 dagen) bloed afgenomen bij de koeien. Hadden de koeien bij de eerste meting ketose, dan stonden de veehouders vrij om wel of geen behandeling in te stellen. De afkapwaarde waarbij we adviseren om de koe te behandelen ligt op 1,2 mmol/liter. Het tweede moment werd opnieuw bloed afgenomen om de behandeling te evalueren.

Resultaten

In totaal is bij 46,1% van de koeien ketose aangetoond. In de periode van 11 tot 30 dagen in lactatie wordt het vaakst ketose gezien, zoals te zien is in figuur 1. Ook bleken veel koeien die geen MPR-ketose melding hadden, toch ketose te hebben.
Bij 51 van de 81 dieren werd (op basis van gedrag en productie) geen ketose verwacht. Toch werd bij 22 van die 51 koeien ketose aangetoond. Aan de andere kant werd bij de helft van de dieren waar wel ketose werd verwacht, geen ketose aangetoond. Hieruit blijkt dat het dus erg moeilijk is om in te schatten of een koe ketose heeft! Enkel het bepalen van de ketonlichamen in het bloed geeft een betrouwbaar beeld.

Behandeling

Koeien met ketose die niet behandeld zijn lieten geen daling in de gemiddelde concentratie ketonlichamen zien bij de 2e meting (juist een subtiele stijging!). Koeien met ketose die wel behandeld zijn lieten een daling in de ketonlichamen-concentratie zien. Deze daling was bij alle therapievormen (E-pillen/propyleenglycol eventueel i.c.m. Catosal) te zien. Koeien die wel behandeld waren stegen gemiddeld 2L meer in productie vergeleken met niet behandelde koeien! Zie figuur 2.

Natuurlijk waren er hier en daar uitzonderingen. Het viel met name op dat de helft van de koeien die na behandeling niet opknapte, maar 1x daags propyleenglycol of energie-pillen kregen in plaats van 2x daags, of een ander onderliggend probleem hadden.
Om inzicht te krijgen in de ketose-incidentie op uw bedrijf kan het dus zeker zinvol zijn om de ketonlichamen te laten meten in het bloed, bij de verse koeien. En deze dieren eventueel te ondersteunen met energie-pillen of propyleenglycol

Figuur 1  Figuur 2
Figuur 1 Figuur 2